
Historie Leerdam
Eens was Leerdam een stad naar alle vier de windstreken door muren, wallen, water, en poorten omringd. Wanneer Leerdam dit predikaat stad ontving, is tot op heden niet bekend. Aan de Lingekant verhief zich een kasteel, dat opmerkelijk genoeg niet binnen de muren gebouwd was, maar deel van de vesting uitmaakte. Het kasteel met zijn torens, de muur, de bolwerk, muizentorens en niet minder dan drie poorten moeten voor de reizigers over het water een fraai beeld gevormd hebben. Hoewel kasteel en poorten in de loop der tijd verwoest of gesloopt zijn, valt met een beetje fantasie het oude silhouet op de nu gerestaureerde Zuidwal nog wel op te roepen.
De eerste heren die we met dit gebied in verband kunnen brengen zijn die van Van der Leede. De oudste vermelding van dit geslacht dateert uit 1143. Leerdam wordt echter pas eerst in
het Hofje van Mevrouw van Aerden
Het Hofje van Mevrouw van Aerden is bestemd voor alleenstaande dames en aan die bepaling van het testament is nooit getornd. Wel is in het Hofje inmiddels een trouw- en raadzaal voor de Gemeente ingericht, terwijl de regentenkamer met haar zeldzame schilderijencollectie en de achtertuin voor het publiek toegankelijk werden.
Schuin tegenover het Hofje bevindt zich 't Poortje, het enige restant van het voormalige Drossaardshuis. Het zestiende-eeuwse pand bood ooit onderdak aan Wilhelmina van Pruisen tijdens haar historische tocht naar en van Goejanverwellesluis. Van hoge ouderdom is ook de Grote Kerk. Bijna zeven eeuwen luiden de klokken in dezelfde toren de samenkomst der gelovigen in.
Geheel vernieuwd, maar wel ter herinnering aan een voorbij verleden is de Loods Holland. De voormalige houtloods die aan de oever van de Linge staat, werd in de tachtiger jaren nog door vele soortgenoten omringd. Wat eens als een houtzaagmolen op het bolwerk begon, groeide in twee eeuwen tot een omvangrijke houtindustrie uit. Deze is in de jaren tachtig opgehouden te bestaan. De Loods Holland is wel opnieuw in gebruik genomen als Glascentrum Leerdam, waar tijdens de zomermaanden het ambacht glasblazen te zien is. Zo zijn er nog tal van gebouwen plekjes die aan de oude Leerdamse glorie herinneren. Wie van geschiedenis houdt kan het hart in het museum Het Oude Raadhuis (Kerkstraat 18) ophalen of van de historische stadswandeling genieten die bij de VVV verkrijgbaar is.
Leerdam glasstad
Van heerlijkheid tot graafschap was een niet geringe overgang, maar van graafschap tot industriestad bleek een grotere stap. Met de vestiging van de eerste glasblazerij in 1765 werd een onuitwisbaar stempel op Leerdam gedrukt. Immers tot op heden staat Leerdam internationaal als Glasstad bekend. Dankzij het vooruitstrevende idee om glasblazer en kunstenaar te laten samenwerken kwamen vanaf 1915 unieke kunstwerken tot stand, de zogenaamde Unica's. Dankzij diezelfde samenwerking ontwikkelde ook de industriële vormgeving zich op hoog niveau, wat tot mooie en toch betaalbare massaproducten leidde. Het meest bekende voorbeeld is wel het gildeglas van Andries Copier. En wie Copier zegt, doet dat in één adem met Meijdam en Heesen, eveneens beroemde Leerdamse ontwerpers. Veel van het werk waaraan de glasindustrie haar reputatie dankt is in het Nationaal Glasmuseum aan de Lingedijk te bezichtigen. Maar ook het werk van de jongste generatie Nederlandse kunstenaars en een aantal buitenlandse glaskunstenaars wordt er geëxposeerd. In het glasvormcentrum van de glasfabriek worden de pijpen nog vaardig met de hand gerold en de kristallen voorwerpen met de mond tot leven geblazen. In "De Oude Horn", een voormalig watergemaal rustiek aan de Horndijk gelegen, loeien de ovenvuren waarin Willem Heesen en zijn zoon Bernard hun kunstwerken scheppen. In het Glascentrum Leerdam kunt u ieder jaar van mei tot november demonstraties glasblazen bijwonen.





